In een discreet industrieel gebouw in Evere, vlak bij de ring, tikt een 8 kleuren offsetpers onverstoorbaar verder aan meer dan 10.000 vellen per uur. De geur van inkt, papier en warme machines hangt in de lucht. Het is een zeldzaam tafereel geworden in Brussel, waar de offsetdrukkerijen bijna volledig verdwenen zijn. Drifosett, opgericht in 1958 en vandaag geleid door de derde generatie Janssens, behoort tot de laatste van zijn soort.
Tijdens een recent bezoek waren ondernemer Quentin van den Hove, met twintig jaar ervaring in de grafisch technologische sector en Imane Belguenani, Brussels Parlementslid voor Anders, aanwezig om de realiteit van de sector van dichtbij te zien.
Een familiebedrijf dat standhoudt in een krimpende sector
Toen Drifosett begon, telde België naar schatting 4.000 drukkerijen. Vandaag zijn er nog ongeveer 150 over. De sector kende twintig jaar van consolidatie en automatisering. Toch bleef Drifosett overeind, met een team van 45 medewerkers en een uitgesproken familiale sfeer.
Tijdens het bezoek spraken we met Jean Janssens (tweede generatie) en Noémie Janssens, gedelegeerd bestuurder en vertegenwoordiger van de derde generatie. Hun verhaal is er een van koppige passie, technische excellentie en een voortdurende strijd tegen de economische realiteit van het ondernemen in Brussel.
Premium drukwerk als bestaansreden
Drifosett positioneert zich bewust in het premiumsegment. Hun klanten komen uit de in Brussel goed vertegenwoordigde wereld van luxe, chocolade, kunstboeken en high end corporate communicatie. Ze zijn officieel hofleverancier, en dat voel je in hun atelier: een indrukwekkende collectie Heidelberg machines voor veredeling en stansen, een oude machine voor goud reliëfdruk, typisch voor ambassades en het Koninklijk Paleis. Daarnaast hebben ze nog meerdere offset-, digitale en grootformaat vlakbedprinters.
Het is een mix van ambacht en high tech die je nog zelden ziet. “Ons métier is ongelooflijk divers,” vertelt Noémie. “Elk project begint met een gesprek. Wat wil de klant voelen? Wat moet het papier uitstralen? Dat maakt het werk zo boeiend.”
Investeren om te overleven
Recent beschikt evenzeer over een 8 kleuren offsetmachine, een investering van meer dan drie miljoen euro. De machine staat in een gebouw dat ze huren via een erfpachtconstructie met Heidelberg en Citydev. Ironisch genoeg moesten ze verhuizen naar dit grotere pand omdat de nieuwe pers niet in hun eigen gebouw paste, een gebouw dat ze bewust blijven aanhouden maar nu verhuren “omdat ze nooit 400% zeker bent van hun toekomst in het huidige gebouw”.
De drukkerij kreeg Brusselse investeringssteun, maar de structurele kosten blijven zwaar. “We willen mensen aanwerven, maar economisch is het bijna onmogelijk,” zegt Jean. “De sociale lasten zijn te hoog. Het economische weefsel in Brussel brokkelt af. Maar we doen ons uiterste best om hier te blijven.”
De Brusselse paradox: investeren én afgestraft worden
Tijdens de COVID periode werd papier schaars en duur. Drifosett besloot grote voorraden aan te leggen om klanten niet in de steek te laten. Net toen die strategie zijn nut bewees, voerde de gemeente Evere een nieuwe belasting in op opslagruimtes. “We voelden ons dubbel gestraft,” klinkt het. “We investeerden om onze klanten te beschermen, en werden daarvoor belast.”
Het is een terugkerend thema: ondernemen in Brussel is duurder dan in Vlaanderen, waar de meeste concurrenten zitten. “Onze concurrentie zit buiten Brussel en heeft een financieel voordeel. Wij moeten het hebben van kwaliteit en originaliteit.”
Een team dat Brussel ademt
Ondanks de uitdagingen blijft Drifosett stevig verankerd in de hoofdstad. Tachtig procent van het personeel is in Brussel gevestigd. De ligging vlak bij de ring maakt het bedrijf vlot bereikbaar voor klanten. De productieafdeling telt dertig mensen, aangevuld met twee grafici en twee specialisten voor impositie en plaatbelichting. Negentig procent van de aangeleverde bestanden zijn print ready pdf’s, maar de echte magie gebeurt in de afwerking: rillen, snijden, vergulden, stansen, veredelen.
De commerciële werking is atypisch: zes verkopers, maar niemand op de baan. Alles draait op mond-tot-mondreclame — een zeldzaam teken van vertrouwen in een sector die vaak op prijs concurreert.
Een museum als levend geheugen
Wie door de drukkerij wandelt, ontdekt achteraan een klein museum. Een werkende Linotype, kasten vol loden en houten letters, en een gepensioneerde graveur die prachtige gravures maakt. Het is geen marketinggimmick, maar een eerbetoon aan de oorsprong van het bedrijf. “De technologische vooruitgang in onze sector was spectaculair,” zegt Jean. “Van lood naar offset naar digitaal. Dat erfgoed willen we bewaren.”
Het museum is op afspraak toegankelijk voor bezoekers en vormt een tastbare herinnering aan de tijd waarin drukwerk nog een puur mechanisch wonder was.
Vooruitkijken met realisme en trots
De ambities van Drifosett blijven helder: inzetten op premium drukwerk, investeren in kwaliteit en het vakmanschap koesteren dat hen al drie generaties lang onderscheidt. Maar de toekomst is niet zonder onzekerheden. De fiscale druk, de hoge sociale lasten en de ongelijkheid tussen gewesten maken ondernemen in Brussel complex.
Toch straalt het bedrijf een opmerkelijke vastberadenheid uit. “We zijn een familiebedrijf,” zegt Noémie. “We hebben altijd gevochten voor ons vak. En zolang onze klanten kwaliteit blijven waarderen, blijven wij hier.”